Partnercontent Opleiding stem wetenschappen

Kloof tussen meisjes en jongens verkleinen om schoolsucces van alle leerlingen te versterken

Van kleuterschool tot het hoger onderwijs

Kloof jongens en meisjes

In België is 60% van de jongeren die het secundair onderwijs zonder diploma verlaten een jongen. Jongens lopen bovendien vaker schoolachterstand op, blijven vaker zitten en haken sneller af. Hoewel meisjes het over het algemeen beter doen op school, blijven zij ondervertegenwoordigd in bepaalde wetenschappelijke en technische studierichtingen. Ook na de schoolloopbaan botsen ze nog op drempels bij hun loopbaanoriëntatie en toegang tot de arbeidsmarkt. Een nieuwe studie van de Koning Boudewijnstichting maakt duidelijk dat de verschillen tussen jongens en meisjes in het onderwijs geen vaststaand gegeven zijn. Ze ontstaan geleidelijk door sociale, culturele en institutionele factoren en kunnen dus ook worden aangepakt. 

19 oktober 2026

Onderzoek: hoe beïnvloedt gender schoolloopbanen?

Hoewel de gelijkheid tussen jongens en meisjes de voorbije decennia sterk is toegenomen, blijven de onderwijsloopbanen opvallend verschillen. Om die verschillen beter te begrijpen en het debat hierover te voeden, liet de Koning Boudewijnstichting een studie uitvoeren door onderzoekers van vzw Sophia en IHECS/ULB. Zij onderzochten hoe gender de schoolloopbanen van kinderen en jongeren beïnvloedt, van de kleuterklas tot het hoger onderwijs. De studie wil het schoolsucces van alle leerlingen versterken en elk talent maximaal laten ontplooien. 

De studie schetst een helder beeld van de Belgische situatie. Het brengt de mechanismen in kaart die de verschillen tussen jongens en meisjes kunnen verklaren en identificeert hefbomen om het schoolsucces van alle leerlingen te versterken. De studie is gebaseerd op een uitgebreide analyse van de wetenschappelijke en institutionele literatuur, aangevuld met Belgische statistische gegevens en, waar relevant, internationale vergelijkingen. 

Verschillen die zich tijdens de schoolloopbaan opbouwen

De studies die voor dit onderzoek werden samengebracht, tonen aan dat jongens en meisjes hun schoolloopbaan starten met vergelijkbare vaardigheden. De verschillen die later zichtbaar worden, ontstaan niet van de ene op de andere dag, maar bouwen zich geleidelijk aan op onder invloed van uiteenlopende factoren. De opvoeding, verwachtingen van ouders en leerkrachten, genderstereotypen, beoordelingsbias en de invloed van leeftijdsgenoten spelen daarbij een belangrijke rol.

Zo komen sommige jongens tijdens de adolescentie sterker onder invloed te staan van een norm van ‘coole mannelijkheid’, waarbij succes zonder zichtbare inspanning meer waardering krijgt dan inzet voor school. Dat kan ertoe leiden dat zij geleidelijk meer afstand nemen van schoolwerk.

De studie benadrukt echter dat gender nooit de enige verklarende factor is. Onderwijsachterstand en schooluitval komen vooral voor bij bepaalde groepen jongens, met name jongeren uit sociaaleconomisch kwetsbare gezinnen. In die situaties stapelen verschillende vormen van ongelijkheid zich op en versterken ze elkaar. 

Enkele opvallende cijfers

  • Jongens verlaten vaker de school zonder diploma. Van alle jongeren die het secundair onderwijs zonder diploma verlaten, zijn zes op de tien jongens. In 2025 ging het om 60,3% in Vlaanderen en 60,2% in de Federatie Wallonië-Brussel (Wallonië en Brussel).
  • Meisjes presteren sterker voor lezen, jongens voor wiskunde en de verschillen nemen toe. Uit de PISA-resultaten van 2025 blijkt dat jongens in België gemiddeld 16 punten hoger scoren voor wiskunde, terwijl meisjes gemiddeld 33 punten hoger scoren voor lezen. De kloof tussen jongens en meisjes is sinds 2022 verder toegenomen. Voor wiskunde verdubbelde ze van 8 naar 16 PISA-punten in het voordeel van jongens. Voor lezen steeg ze van 28 naar 33 punten in het voordeel van meisjes.
  • Vrouwen behalen vaker een diploma hoger onderwijs. In België beschikt 56,9% van de vrouwen tussen 25 en 34 jaar over een diploma hoger onderwijs, tegenover 44,4% van de mannen (2024). 

Verschillende trajecten, dezelfde onderliggende mechanismen

Hoewel meisjes gemiddeld betere schoolresultaten behalen en vaker doorstromen naar het hoger onderwijs, blijven ze sterk ondervertegenwoordigd in verschillende wetenschappelijke en technische opleidingen. Ze kiezen bovendien vaker voor studierichtingen die voorbereiden op beroepen in het onderwijs, de zorg en de hulpverlening. Daardoor blijven ook op de arbeidsmarkt duidelijke verschillen bestaan tussen de loopbanen van vrouwen en mannen. Jongens ondervinden dan weer vaker moeilijkheden tijdens hun schoolloopbaan. Tegelijk zijn zij sterker vertegenwoordigd in wetenschappelijke en technische richtingen die doorgaans betere loopbaan- en inkomensperspectieven bieden. 

Volgens de studie heeft het weinig zin om de uitdagingen waarmee jongens worden geconfronteerd tegenover de ongelijkheden die meisjes ervaren te plaatsen. Beide fenomenen komen immers deels voort uit dezelfde mechanismen. Genderstereotypen, uiteenlopende verwachtingen, sociale normen en beeldvorming beïnvloeden niet alleen hoe jongeren zich tot school verhouden, maar ook welke studierichtingen ze kiezen en welke beroepswegen ze later inslaan. Net daarom is het aanpakken van deze mechanismen essentieel om gelijke kansen op schoolsucces voor alle jongeren te bevorderen.

Zeven hefbomen voor meer gelijke kansen op schoolsucces

Op basis van de onderzoeksresultaten formuleert de studie zeven complementaire hefbomen om de verschillen tussen jongens en meisjes in het onderwijs te verkleinen en gelijke kans op schoolsucces voor alle leerlingen te versterken:

  • Vroeg handelen, vanaf de eerste kinderjaren;
  • Vooroordelen en ongelijke verwachtingen op school verminderen;
  • De relatie van jongeren met school versterken tijdens de adolescentie;
  • Het welbevinden en de betrokkenheid van leerlingen vergroten;
  • Meer rekening houden met verschillende vormen van kwetsbaarheid;
  • Stereotypen doorbreken en studiekeuzes verruimen;
  • De rol van buitenschoolse activiteiten erkennen en kwetsbare jongeren gericht ondersteunen.

Deze hefbomen vragen een brede aanpak, die reikt van de vroege kinderjaren en de klaspraktijk tot de organisatie van scholen en het onderwijsbeleid. Daarbij is bijzondere aandacht nodig voor jongeren die met meerdere vormen van kwetsbaarheid tegelijk worden geconfronteerd. De studie benadrukt tot slot dat de verschillen tussen meisjes en jongens geen vaststaand gegeven zijn. Ze ontstaan geleidelijk onder invloed van sociale, culturele en institutionele mechanismen en kunnen dus ook worden aangepakt. Door onderwijspraktijken, sociale dynamieken en beleid hierop af te stemmen, kunnen we tot meer gelijke kansen op schoolsucces voor alle leerlingen komen. 

Meer informatie

Studie: ‘De kloof tussen meisjes en jongens in het onderwijs. Van kleuterschool tot het hoger onderwijs: bevindingen, verklarende factoren en mogelijke actiepistes’

Raadpleeg de studie

Bron: Koning Boudewijnstichting

Wat heb je nodig

Deel je (nieuws)verhaal

Heb je nieuws dat relevant is voor onze redactie? Deel het met ons via het meldformulier.

Nieuws melden
Print Magazine

Recente Editie
09 december 2024

Nu lezen

Ontdek de nieuwste editie van ons magazine, boordevol inspirerende artikelen, diepgaande inzichten en prachtige visuals. Laat je meenemen op een reis door de meest actuele onderwerpen en verhalen die je niet wilt missen.

In dit magazine